De werkdag van Emmanuel begint regelmatig midden in de nacht. Dan staat hij op, hij ontbijt en gaat onderweg om mensen uit zijn gemeenschap zorg te verlenen. Per fiets, boot of wadend door moerasachtige land. Voeg daarbij dat hij één been mist, en je snapt dat het Emmanuel beslist niet aan motivatie ontbreekt.
Emmanuel is geboren en getogen in Chilubi, een warm, moerasachtig district in Zambia. Voor muggen is dit een ideale leefomgeving, en malaria is hier dan ook een groot probleem. Bij zijn werk als lokaal zorgverlener heeft deze ziekte dan ook zijn volledige aandacht.
Op de meeste dagen moet Emmanuel wel een fysieke prestatie leveren om ‘zijn’ gezinnen te bereiken. Hij begint meestal op de fiets, en zodra de weg in het water verdwijnt neemt hij zijn rijtuig op zijn schouders - terwijl hij ook al een koeltas met medicijnen draagt. Vaak waadt hij kilometers door het water voordat hij weer verder kan fietsen. Op andere routes heeft hij meer geluk; dan ligt er een kano of kleine roeiboot voor hem klaar.
Extra uitdaging
Dit werk zou voor de meeste mensen zwaar zijn, maar Emmanuel heeft een extra uitdaging: als baby verloor hij zijn rechterbeen. “Ik loop met een stok, en op zich gaat dat best. Een modderige ondergrond is alleen wel heel lastig, dan zak ik weg of glijd ik uit. En mijn fiets is natuurlijk niet licht.”
Reden om op te geven is dat niet. “Ik zie hoeveel zin het heeft, wat ik doe. De mensen die ik bezoek, zijn nu gezonder dan eerst. Vooral omdat ze meer kennis hebben. Ze weten nu dat ze onder muggennetten moeten slapen en er niet mee moeten vissen. Ja, dat gebeurde heel vaak. Ook zorg ik ervoor dat zwangere vrouwen preventieve malariapillen krijgen. Dat maakt me heel gelukkig. En het zorgt ervoor dat ik niet opgeef.”
Verlies van een kind
Die vooruitgang betekent helaas niet dat de strijd gewonnen is. “Als mensen ziek zijn, verwijs ik ze door naar het ziekenhuis. Maar het is vaak heel lastig voor hen om daar te komen. Ze moeten lang lopen, door het water, of een boot huren. En dat gaat soms gewoon niet, als ze te ziek zijn of geen geld hebben.”
Dat leidt tot sterfgevallen die gemakkelijk te voorkomen waren geweest. “Een tijd geleden onderzocht ik een kind dat door malaria ernstige bloedarmoede had ontwikkeld. Hij had een transfusie nodig. De ouders aarzelden, omdat de reis naar een groter ziekenhuis lang en kostbaar zou zijn, en erg vermoeiend voor hun zieke zoon. Ze gingen te laat weg, en hun kind overleed onderweg.
Die gebeurtenis raakte hem diep, vertelt Emmanuel. “Dit was hun enige kind, dat ze zo graag hadden gewild. Ik bleef maar denken: met betere wegen, beter vervoer was hij er nog geweest. Het is moeilijk om dat los te laten.”
Emmanuel weet echter ook dat dat soort drama’s zich minder vaak afspelen. “Vroeger zagen we gemiddeld twintig gevallen per van malaria week. Nu zijn er weken waarin het er tien zijn, of soms maar vier of vijf. Dat is reden genoeg voor mij om elke vroege ochtend weer mijn stok te pakken en op pad te gaan.”
Help ons in de strijd tegen malaria
Amref werkt aan een toekomst waarin deze ziekte geen levens meer kost. Door te investeren in lokale gezondheidszorg, kennis en preventie bouwen we aan duurzame oplossingen. Samen kunnen we malaria stoppen! Vandaag en voor de volgende generaties. Help je mee?